Gave parabel over menselijke moed ****

Door Henk van Gelder op NRC Handelsblad

De nieuwe show van Lenette van Dongen speelt zich af tegen de ach­tergrond van een door Rieks Swar- te ontworpen trap, die de voorstel­ling raak typeert. Het bouwsel be­staat uit twee aaneengeklonken delen: links een trappetje met kale treden, waarop de vedette naar bo­ven klimt, en rechts de showtrap waarop ze glorieus naar beneden kan komen. Normaal gesproken is die kale trap het deel dat achter het achterdoek verborgen blijft, maar hier staat het prominent op het to­neel - zoals ook Lenette van Don­gen het ene moment de ster is, kor­daat op hoge benen, en even later haar glamour aflegt omdat het zo lekker is die pumps even uit te doen.

Vedette is haar vijfde solo in tien jaar. Met steeds meer vakman­schap lijkt Lenette van Dongen haar verhalen en verzuchtingen te putten uit haar eigen alledaagse besognes, zonder in particuliere perikeltjes te blijven steken. Door haar expressieve talent weet ze het persoonlijke voor een groot pu­bliek herkenbaar te maken. Soms is het alsof iets haar ter plekke in­valt, en alsof ze het maar gewoon vertelt zoals het was. Onopge­smukt en zo te zien volkomen au­thentiek. Maar de virtuoze manier waarop dit vlechtwerk van liedjes en conferences is samengesteld, verraadt haar raffinement. Hoog­uit zegt ze iets te vaak dat ze 44 is.

Bij het mooie millimeterwerk van haar begeleiders Martijn Breebaart en Peter Heijnen, begint Lenette van Dongen haar voorstel­ling in nostalgische sfeer. Ze noemt „een palletbox met daarin honderd zakken waxinelichtjes” als teken van de overvloed van te­genwoordig, en plaatst die met vrojjjjke voorbeelden tegenover de zuinige gezelligheid van vroeger. Dat brengt haar op de normen- en waardendiscussie, die ze kernach­tig relativeert, en op een gave para­bel over menselijke moed. Vervol­gens waaiert Vedette alle kanten op - van de liefde, die ze in tedere huishoudpoëzie bezingt, tot een komische demonstratie van ty­pisch mannengedrag in een ijzer­winkel.

Geregeld slaat haar fantasie op hol, vooral als ze de dingen om zich heen een eigen stem en een eigen gevoelsleven geeft: een spinnetje in de badkamer, de snijbloemen, de basilicum bij de groenteman, een slak in de tuin en zelfs een pot pindakaas. Dat is soms wat overda­dig, maar vaak ook verrassend kol­deriek.

En alles bij elkaar toont Lenette van Dongen ook in haar vijfde pro­gramma aan dat ze de titel vedette met ere mag dragen. Ook zonder die hoge hakken.