Lenette van Dongen Zaanse verrassing

Door Hans Kottmann op De Volkskrant

Na jaren bij anderen te heb­ben gefigureerd in onder meer ’Jeans’, ’Casablanca’ en ’Tsjec- hov’, zingt ze nu met veel ge­voel voor zelfspot haar eigen lied. Lenette van Dongen laat in haar eerste solo-programma ’Mag het wat zachter’ alle hoe­ken van haar persoonlijkheid en vakmanschap zien. Met een dijk van een stem weet ze zowel te ontwapenen als te prikkelen. 

Fors uithalend of haarzuiver ingehouden; ze beheerst de zangkneepjes tot in de tenen. ; Pianist Henk Ruiter tovert daar sprankelende melodielijnen onder. Van Dongen verloo­chent haar Zaanse wortels geenszins en houdt een wijze les van haar moeder in ere: "Een mens zonder dromen is ongelukkig.”

Bij van Dongen is God vrou­welijk. Vanaf een wolk mag ze toekijken op een dementerend Europa, maar vooral op het ei­gen luxe leefwereldje. De twij­felende volwassene ziet dat de verpakking belangrijker is ge­worden dan het cadeautje. Tus­sen kind en bejaarde staan pijn­bomen en kreupelhout. Maar tussen jeugdpuistjes en de on­verbloemd getoonde vetrichels schept ze ook hilariteit en ont­roering.

Die zitten vooral in de schit­terende gevarieerde liedjes, waarvoor naast zijzelf, tekst­schrijvers als Jacques Klöters, Ivo de Wijs, Jan Boerstoel en Jaap Bakker tekenden. Zelfs in een bewust parodisch zweef- verhaal over een ’ontslak- kingscursus’ met aansluitend klef bedoeld liefdesliedje van

Jeroen van Merwijk zit een sliert kippevel.

Met haar aanstekelijke breedbekacrobatiek en dito armgebaren verbeeldt ze op geestige wijze herkenbare ver­schijnselen als ingedommelde seks, eco-koters, cola-kids, het onderschoffelen van bejaarden of de ’leedmagneet’ die het chagrijn van anderen met en­gelengeduld moet aanhoren.

Alles mondt tenslotte uit in een sprookjesachtig mooie fi­nale: uit een versnipperd kin- derbeeld van de Zaandamse kermis en het oude stadhuis aan de Burcht dwarrelt de hoop over het pessimisme heen. Hier danst de junkie wél met het reumatische oudje en de skin­head metz’n Turkse verkering. Hier wint de hoop het wél van de ervaring. Van Dongen toont met kilo’s wilskracht en over­tuiging dat het aambeeld uit­eindelijk sterker is dan de ha­mer.