Van Dongen schept hilariteit en intimiteit

Door Henk van Gelder op NRC Handelsblad

Het toneel is een puinzooi; er staan twee hometrainers, de vloer is be­zaaid met tijdschriften, er zwerven huishoudelijke attributen rond en pesterig drupt er af en toe een druppel van hoog uit het plafond — als de laatste druppel die de em­mer doet overlopen in het gestreste leven van de hoofdpersoon. Zij, in de gedaante van Lenette van Don­gen, verbeeldt het gejaag en ge­jacht van de vrouw die eigenlijk groots en meeslepend wil leven, maar het enige dat ze meesleept, is een overvolle boodschappentas en een draagbare telefoon.

In twee succesvolle solovoor­stellingen heeft Lenette van Don­gen al enigszins laten doorscheme­ren wat haar theaterthema is: het schrijnende verschil tussen verhe­ven illusies en banale desillusies, poëtisch verwoord in mooi gezon­gen chansons en komisch uitver­groot in gewiekte conferences. Haar derde solo, die zaterdag­avond in première ging, is weer een stap verder. Opnieuw gaat het over de vrouw die aan alle hedendaagse eisen tracht te voldoen en dus elke week een dag te kort komt. Maar de traditionele cabaretvorm van

conferences en liedjes is verruild voor een veel vrijere, associatieve vorm waarin de muziek doorloopt in het gesproken woord en de tekst bijna ongemerkt overgaat in mu­ziek.

Onder de titel Jagadamba, naar het Indiase woord voor ‘wereld- moeder’, brengt Lenette van Don­gen een groot aantal uiteenlopen­de stemmingen samen — van de hilarische herkenbaarheid van huiselijk ongemak tot het teerge­tinte verlangen naar ascese — waarin ze ook haar gevarieerde ta­lenten kan laten zien. Ze heeft de flair van een stand-up comedian, maar heeft ook het vermogen de kleinste nootjes van een intiem liedje tot tintelen te brengen. Ze kan een groteske tirade opbouwen over mannengedrag achter het stuur en even later de opperste concentratie afdwingen met het zijdezachte No frontiers van de Ier­se zanger Jimmy McCarthy. En daaronder wordt door toetsen, bas en percussie een wondermooi as­sortiment van klankkleuren en ge­luidseffecten gelegd, van het brui­sen van de branding tot de heksen­ketel van de dagelijkse hectiek.

Zelfs tot in de laatste minuten van de voorstelling weten Lenette van Dongen en haar begeleiders de aparte, authentieke sfeer van Jaga­damba vast te houden. Voor ie­mand die de hele avond zegt een uitweg te zoeken uit de tijdnood en de druk, is er immers maar één ma­nier om de show af te sluiten: in stilte. Een fïnalelied, de onmisbare apotheose van elk regulier cabaretprogramma, ontbreekt.