Lennete van Dongen schakelt moeiteloos ****

Door Henk van Gelder op NRC Handelsblad

Als het over doordeweekse ongemak­ken en alledaagse besognes gaat, is Lenette van Dongen vaak op haar best. Ook weer in haar nieuwe pro­gramma Hoogseizoen. Doeltreffend gaat ze ditmaal te keer tegen de dwangmatige gedachte dat iedereen elke dag gelukkig zou móeten zijn. Met komische overdrijving portret­teert ze zichzelf als de enige bij wie dat nooit lukt - een uiterst gewiekste methode om bijval uit te lokken, want natuurlijk roept ze met haar voorbeelden alom herkenning op. Als het niet om weerzin jegens an­dermans verhalen over succesvakan­ties gaat, is het wel de ergernis over liefdeloos voedsel in de supermarkt. Zelfs een tirade tegen tandenpoetsen maakt golven van hilariteit los.

In een hoekig-lelijk, maar functio­neel decor - een soort bergwand die ze beklimt om boven het dagelijks gedoe uit te komen - speelt Van Don­gen een gespierd, hyperenergiek programma met virtuoze stembui­gingen en een lijf dat haar conferen­ces lenig illustreert. Ze geeft het Toon Hermans-lied Dit is een plek om lief te hebben een nieuwe, multifuncti­onele betekenis en laat een paar stil­lere momenten mooi samengaan met de robuuste rest. Zo’n verhaal over onhandige en luidruchtige es­pressoapparaten wordt immers des te sterker als ze daarna gas terug­neemt en een oprecht verlangen uit­spreekt naar potten koffie met twaalf streepjes. Er zijn er niet veel die dat kunnen zoals zij: moeiteloos schake­len tussen exuberant en ingetogen..