Columns in ZIN

Mobieltje

Ik schrik wakker van mijn mobieltje. Ik herken de ringtone niet maar zoek toch door. Versuft reik ik naar de plek waar de foon altijd ligt maar stoot mijn hand tegen een houten wand die eerder nog niet naast mijn bed stond.

Lees verder...

Tattoo

De heerlijke eucalyptusgeur maakt mijn neus blij. En mijn lijf verheugt zich op de doordringende hitte van de sauna. Door de gure buitenwind en een chronische lage bloeddruk heb ik het al dagen koud koud koud! Ik steek mijn tong uit naar de ijzel op de bomen en stap opgewekt met mijn gehuurde handdoeken de omkleedruimte in. De temperatuur is meteen gul en uitnodigend. Veilig als de opgewarmde pyjama die mijn moeder vroeger even op de kolenkachel had gelegd om de stap in het koude bed te verzachten. Ik ontspan, het innerlijke klappertanden komt tot rust. Ik hoor twee mannen praten en schrik. Oei, het is een gemengde kleedkamer, voor dames en heren. Oh, wat ben ik toch een ouderwetse muts met een wonderlijk tegenstrijdig gevoel. Lopen we allemaal hetzelfde rondje douche, sauna, stoombad, rustbed maakt mij de gemengde naaktheid niet uit. Maar samen in een omkleedruimte overvalt mij naast onbekende heren altijd een blootschroom die een veertienjarige niet zou misstaan. De heren letten nergens op en terwijl de voetbalwedstrijd van het weekend levendig wordt besproken kleden zij zich uit. Ik treuzel, ga op het bankje zitten en doe net of ik nog dringend een sms moet versturen. Terwijl ik ‘van Dongen wat ben je toch een bleue trut’ in mijn mobieltje typ zie ik hoe de kantoorpakken, stropdassen en gestreepte overhemden op knaapjes in de lockers worden hangen. Als ook de boxershorts in de sporttas zijn verdwenen en een van de mannen mij de rug toekeert stokt mijn adem. Een onwaarschijnlijk mooie tatoeage vult zijn rug. Ik zie wel vaker mensen bedekt met tatoeages maar die zien er soms uit als een vakantiekoffer volgeplakt met aandenkenstickers. Ooit zijn ze met één tattoo begonnen en telkens kwam er weer ergens een bij. Zonder planning. Als aangebouwde schuurtjes naast een huis. Een stoer rommeltje. Maar de man die nu zijn dure horloge afdoet en het naast zijn i-pod in het kastje legt heeft geen plaatjesdagboek op zijn lijf maar een echt kunstwerk. Een vrouwelijke engel stijgt op uit zijn taille en bedekt met haar gespreide vleugels zijn schouders. Paradijsbloemen aan haar voeten. Alles in perfecte verhouding met zijn eigen spierlijnen. Een zorgvuldig van te voren overdacht lichaamsschilderij. Dat moet ook wel. Want als het schilderij van de engel hem niet meer bevalt kan ie het niet op de logeerkamer hangen.  Voor altijd zal zij hem rugdekking geven. Ook als zijn huid niet meer zo zacht en soepel is. Zelfs als hij zijn laatste adem heeft uitgeblazen zal hij op haar kunnen rusten tot ze samen tot stof zijn wedergekeerd. Overdag draagt hij zijn geheim onder het saaie kantoorblauw. Spannend als kanten lingerie onder een kokerrok. Wat een feest moet het voor hem zijn om zich te ontkleden en de engel aan licht en lucht bloot te geven. Maar hij draagt zijn tattoo inmiddels net zo vanzelfsprekend als zijn bos krulhaar. Druk in gesprek over de tegenvallende keeper lopen de heren de doucheruimte in en blijf ik alleen achter. Eindelijk begin ik me ook uit te kleden.

Lees verder...