24 11 10

Bergeijk

Tijdens de verbouwing gaat de verkoop gewoon door.

Midden in de volle vaart van de voorbereidingen en try-outs kwam de trein met een klap tot stilstand door het breken van mijn middenvoetsbeentje.

Na vier weken stilzitten mocht ik vorige week eindelijk een try out proberen van de behandelend arts van mijn gipspootje. Met de nadrukkelijke bezwering: pijn is stoppen! Al mankeer je niets is het altijd lastig om na vier weken vakantie of rust de draad van je voorstelling weer op te pakken. Je kop moet toch twee uur tekst reproduceren.

Bergeijk kreeg de primeur van Van Dongen met gipsbeen.

Personeel en directie waren superblij dat ik niet had afgezegd maar keken ook enigszins zorgelijk naar de plastic constructie om mijn linker voet. Weet je het zeker?

Ik werd enorm in de watten gelegd. Aan hun inzet zou het in ieder geval niet liggen.

Aan mijn wens om te spelen ook niet.

Maar als ik een paar uur later in de coulissen sta met goede zin maar zonder ENIGE zekerheid over hoe het zal gaan lopen hoor ik weer die oude mantra van de twijfel in m’n kop: waarommmm waarommmm doe ik dit.

Het werd vooral een voorstelling waarbij mijn hoofd op volle toeren moest werken om de teksten die ik al vier weken niet meer gespeeld had uit de roestige hersencellen moest wringen.

En ondertussen hordelopen over dat blok aan mijn been.

Ik heb dapper doorgezet, ondersteund door een goed publiek.

Maar ik voelde me tijdens het werken net het domme aapje dat ik ooit in een dierentuin zag. De hele apenkolonie slingerde handig van het ene touw via een ijzeren stang naar het andere touw om met  een lichte tussensprong op een boomtak weer verder te slingeren langs de rest van het touwenstelsel. Moeiteloos als een soort slingerzweven…

Maar niet het domme aapje. Na drie, vier mooie slingers greep ie mis bij een touw of sprong naast de tak waardoor hij met een dikke bons in het zaagsel terecht kwam.  Misschien had ie een soort slinger-dyslectie. Ondanks de onzachte landingen in het zaagsel klom ie onvermoeibaar terug in het klimrek om steeds weer opnieuw een slingerpad uit de zetten.

Voor de kerst knoopte ik moeiteloos de spiekbriefjes met steekwoorden die op het podium liggen aan elkaar en slingerde me zo door de voorstelling. Maar horkend op m’n gipspoot greep ik af en toe mis op zo’n kaartje en hoorde met een dikke bons de voorstelling weer even stilvallen.

Ik ben zo gewend dat ik mijn lijf precies met mijn woorden mee kan sturen.

Maar ondanks mijn voornemen om zoveel mogelijk ‘normaal’ te doen bleek spelen met een bespalkte voet een dikkere klus dan ik dacht.

Toen ik tegen het einde ook nog de steekpijn terug voelde komen wist ik: dapper geprobeerd, maar gewoon nog te vroeg om het gebroken middenvoetsbeentje zo te belasten.

Het publiek was na afloop toch enthousiast

Op de terugweg was ik trots op mijn dappere pogen maar  hoorde een mokkend talent in mijn kop dat baalde van alle gemiste kansen.

Gelukkig verdween na twee dagen de pijn, voelde ik weer vertrouwen in mijn materiaal en was de roest uit mijn kop verdwenen.